De AFM leidraden

Toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM), brengt af en toe leidraden uit over diverse onderwerpen. Deze leidraden zijn echter minder vrijblijvend dan het woord ‘leidraad’ doet vermoeden. In de praktijk kun je deze leidraden dan beter ook niet onderschatten.

Dat is de mening van Bert van den Broek, hoofd beleggingscompetence bij Rabobank Nederland en Tom Loonen (directeur Private Planning bij Insinger de Beaufort). Van den Broek en Loonen spraken hierover tijdens een masterclass voor professionals. Deze masterclass werd georganiseerd door de VBA, de vereniging voor beleggingsprofessionals.

Leg de leidraden niet naast je neer

Van den Broek stelt dat het voor een instelling niet verstandig is om de leidraden van de AFM naast je neer te leggen. Hij doelde hiermee op de de twee bekendste leidraden: ‘Actief en passief beleggen in het belang van de klant’ en ‘Klant in beeld’.

De leidraden worden niet alleen in de periodieke onderzoeken door de AFM gehanteerd maar ook rechters nemen de leidraden zeer serieus en verwijzen er in uitgesproken vonnissen ook naar.

AFM leidraden en de zaak tegen Wealth Management Partners

In de zaak tegen Wealth Management Partners is dit ook gebeurd. Het ging hierbij om vast te stellen hoe risicovol het beleggen in hedgefondsen is. De rechter verwees in deze zaak naar een van de AFM leidraden waarin men het heeft over de volatiliteit van diverse asset classes.

Tom Loonen geeft in de masterclass aan dat de rechter in dit geval de leidraad totaal verkeerd heeft geïnterpreteerd.

Wealth Management Partners geeft in een reactie aan Fondsnieuws aan dat er wat hen betreft geen misverstand moet bestaan over het centrale belang. De klant en zijn uitgangspunten moeten altijd centraal staan.

WMP is dan ook in beroep gegaan tegen de uitspraak van de rechtbank. Op verzoek van het Hof is er vervolgens een regeling getroffen. WMP licht in haar reactie toe dat de voormalige cliënt een zeer groot deel van het bedrag dat Wealth Management Partners door een eerdere uitspraak van de rechter heeft moeten betalen, terug heeft moeten storten. Inhoudelijk kan WMP verder niet op de zaak ingaan omdat dit zo is afgesproken in de schikking.

Klant in beeld

Loonen geeft tijdens de masterclass verder aan dat hij zich zorgen maakt over een van de leidraden. Hij noemt hierbij de leidraad ‘Klant in beeld’.

In het verleden was het volgens Loonen namelijk zo dat er bij vermogensbeheer en beleggingsadvies sprake was van een inspanningsverplichting. En wanneer je je als vermogensbeheerder voldoende had ingespannen, dan was het risico voor de klant.

Volgens Loonen is er tegenwoordig echter meer sprake van een resultaatverplichting dan van een inspanningsverplichting. Daarom zullen banken en vermogensbeheerders hun klanten beter moeten gaan informeren over tegenvallende waardeontwikkelingen en hen adviseren hoe ze het beste back on track kunnen komen.

Tussentijds toetsen

Tussentijds toetsen, dat was de mening van een aantal deelnemers aan de discussie die volgde op de masterclass. Volgens van Loonen weten de meeste partijen echter nog niet hoe ze dit precies moeten organiseren.

Ze zijn immers nog volop bezig met het toetsen van eerder vastgelegde doelstellingen. En vaak gaat er geen alarmbelletje als blijkt dat de doelstelling van een klant eigenlijk niet meer haalbaar is of wanneer een asset mix intussen niet meer aansluit bij een bepaalde doelstelling.

Volgens Loonen is er dus nog genoeg werk aan de winkel.

Een grote klus

Dat het implementeren van de leidraden van de AFM een grote klus is, vindt ook Van den Broek. Toch is hij blij met de leidraden omdat ze nodig zijn. ‘Het kan en moet beter’, aldus van Den Broek.

Dat blijkt ook uit het onderzoek dat is gedaan door de AFM: Verbetering kwaliteit dienstverlening vermogensbeheer

Zo hebben banken en vermogensbeheerders nog te weinig inzicht in de aard van alle kosten en kunnen de rapportages hierover beter. Van den Broek vraagt zich daarnaast, net als velen, af waarom het aantal financiële producten zo ontzettend groot moet zijn.

Financial planning

Volgens van den Broek is het goed dat er meer aandacht gaat komen voor financial planning. Hij stelt hierbij dat het van belang is om voor een klant goed vast te leggen waar de behoeftes liggen.

Zo is er een verschil tussen een klant die vier miljoen euro heeft en een metselaar die gewoon een spaarcentje opzij wil zetten voor zijn oude dag.

Maar het gaat er uiteindelijk om dat er goed wordt gekeken wat een klant nu werkelijk nodig heeft.

Waar je vroeger een intakegesprek deed en gelijk ging beleggen is het nu van belang om de zaken wat breder te bekijken. Zo is het bijvoorbeeld goed om je als vermogensbeheerder af te vragen of er bijvoorbeeld wel voldoende vrij vermogen is om te gaan beleggen? Want misschien is het voor de klant wel beter dat hij gaat sparen voor de aflossing van zijn hypotheek.

Risicobereidheid

Op het vlak van risicobereidheid van de belegger, is Van den Broek van mening dat er nog de nodige vorderingen kunnen worden gemaakt. Zo valt er misschien nog wat te leren van andere vakgebieden waarbinnen men al langer gebruik maakt van allerlei assessment onderzoeken om te bepalen hoeveel en wat voor risico iemand kan en wil lopen.

Bij potentiële beleggers kun je dan bijvoorbeeld kijken of mensen wel consequent antwoorden op vragen. Dit kun je bereiken door controlevragen te stellen. Op dit moment gebeurt dat nog niet.

Op zich is dat jammer want er is allerlei psychologische kennis voorhanden om te gebruiken in de praktijk.